`

Archief voor Natuur

Frisse oever

Na de Grande Bouffe (zie vorige bericht) is de oever weer schoon en fris. De lente breekt nu echt aan. We krijgen tijdelijk bezoek van een paartje Canadese ganzen. Een onverwacht gezelschap en ik heb ze nooit eerder gezien hier.

Ook Paddo, onze lokale exoot - een Roodwangschildpad - die in 2014 opeens verscheen uit het niets, heeft de winter overleeft. Dat doet me deugd want het is me een raadsel waar en hoe hij overleeft.
We zijn er aan gewend om hem oude broodrestjes te voeren en ik ben aan hem gehecht geraakt. Je kunt aan een schildpad niet echt zien of hij mager is… een schildpad is mager van binnen.

Ook zie ik een wezentje dat ik ken uit mijn jeugd. Hij verscheen wel eens in mijn emmertje en deed ons kinderen vaak huiveren. Aanraken durfden we hem niet, deze Waterschorpioen (Nepa cinerea)
Eigenlijk durf ik het nog steeds niet al is het een onschuldige wantssoort, maar mijn angst overwinnen vind ik niet nodig… ik laat hem rustig zonnen. Ik heb hem al 45 jaar niet gezien, schat ik. Een klein wonder…

Comments

Rattenbende

Als ik aankom op mijn Franse landje is de paddentrek net begonnen. De eerste dagen kom ik op diverse plaatsen padden tegen die onderweg zijn naar de grote vijver.
De ratten hebben bij mijn afwezigheid flink huisgehouden en een complete gangenstad onder en rondom mijn caravan aangelegd. Ma Poes is sinds deze winter spoorloos verdwenen… het is feest voor ze.

Al snel valt het me op dat er ’s ochtends langs de oever van de vijver dode paddenlijken liggen. Eerst lijkt het of ze gespietst zijn. Is het een reiger? Nee, die eet ze meteen op! Is het misschien een ijsvogel? “Door de bewegingen van de parende padden wordt de ijsvogel getriggerd en slaat de pad aan in een woeste duik. Vervolgens weet hij niet wat hij met het veel te grote paddenlichaam aanmoet en laat het met veel moeite op de oever ploffen”, zo stel ik mij voor.

Het raadsel blijft onopgelost tot het moment dat ik in mijn bijkeuken bezig ben met werkzaamheden om van deze ruimte een lounge-hoek te maken en hier ook op een rattengang stuit. Ik kom verschillende verse paddenlijken tegen… in gangen… onder planken. Dit is voor een ijsvogel een onmogelijke reis, de ratten hebben het gedaan! Waarom eten ze padden niet op?

Langzaamaan raakt het bezaait met lijken langs de oever. Ik zie de daad van doden nooit. In mijn fantasie zie ik de ratten ’s nachts in een blinde razernij alles pakken en doden wat ze tegenkomen, puur uit wellust. De padden zijn een makkelijke prooi, dom en dronken als ze zijn van het paringsspel.

Na enkele dagen sta ik te zagen op mijn geïmproviseerde balktafel op gasbetonblokken. Bah… ik ruik zo langzamerhand overal rottende paddenlijken. Tegen de betonblokken staat een plaat hout. Ik haal deze weg en zie dat de ratten een klont paddenlijken hebben verstopt in een holte van een blok.

Hetzelfde gebeurt in mijn houtopslag… IK RUIK HET WEER! Onder de bodemplank van de kast onder de werktafel ligt een enorme berg lijken opgestapeld in een hoek. Ik tel er dertien.

Ik gun de ratten hun leven maar dit valt me zwaar. Deze genocide op een uitstervende soort! En dan ook niets opeten!

Zelfs als ik in bed lig komt de geur me tegemoet. Ik ga er uit om te inspecteren en ja, onder een plateau naast mijn raam is een holte gegraven en bedekt met stukjes versnipperd papier en plastic. In deze geïsoleerde kom liggen wederom dertien lijken… ze doen het er om.

Na ruim twee weken beginnen de lijken een zoutige rijpe geur af te geven. Opeens worden de padden aangevreten. Binnen vier dagen zijn ze allemaal op! Dat is de oplossing van het niet opeten! Ratten houden van rijp vlees!

’s Avonds zie ik in de schemer vanuit mijn hut een uil laag over de oever scheren en landen op en takkenstapel in de buurt. Ik ga rustig slapen.

Comments

Meriansborstelrups

Wildplukker en Strootje kwamen deze prachtige rups tegen. Het is de Meriansborstelrups (Calliteara pudibunda). De vlinder heet Meriansborstel maar lijkt helemaal niet op een borstel maar eerder op een fluweelzacht bontje.

Wildplukker kwam hem deze maand precies tien jaar geleden ook al tegen, zie Smakelijke melkzwammen >>, en noemde hem oneerbiedig WC-borstelrups.

Haar feestelijkheid doet me nu meer denken aan een Medusakwal die mij ooit inspireerde tot mijn onderstaand nimmer voltooid kunstwerk ‘Medusa’.

Misschien over tien jaar…

Comments

Spoorzicht reliëftuin

In het voorjaar van 2015 ben ik op verzoek van Tuinman in Park Spoorzicht begonnen met het kappen van bomen om een open plek te maken voor de aanleg van een vijver. Het extra invallende licht moet zorgen voor meer biodiversiteit. Tevens hopen we het park aantrekkelijker te maken voor het publiek. Spoorzicht wordt permanent in haar bestaan bedreigd en dus willen we publieke steun werven.

De grond van het graafwerk werd gebruikt voor de aanleg van reliëf en het hout voor allerlei groene elementen zoals houtstapels, takkenrillen en heuvelbedden zodat er veel randen en microklimaten ontstaan.

Ondertussen staat Tuinman ook niet stil en werkt aan de paadjes en met behulp van jongeren maakt hij een Hügelbed gevuld met stammen. Ook plant hij hier en daar wat vaste planten zoals Moerasspirea, Kalmoes en Kattestaart.

Dit voorjaar is het tijd voor kapronde twee en het uitbreiden van de vijver. Ik zaag een extra strook vrij voor lichtinval van de late zon. Het gezaagde materiaal en de grond zorgt weer voor een nieuwe houtstapel en extra heuveltjes.

Als ik vandaag met Strootje weer eens ga kijken en nog wat graven staat alles er groen en vol bij. De vijver ligt vol stammetjes van spelende kinderen dus die ga ik maar even onderspitten op een houtstapel.

We genieten van het geheel. “Het lijkt wel een oerbos”, zegt een vriend van Tuinman.

wordt vervolgt…

Comments

De natuur behagen

De afgelopen jaren heeft Wildplukker zich gestort op het schrijven van een boek. Het is een boek geworden voor tuinliefhebbers die de natuur willen ‘behagen’. Er zijn al vele boekjes op de markt over hoe je dieren kunt helpen in je tuin en hoe je een select gezelschap aan populaire wezens kunt bijvoeren door het jaar heen.
Ook kun je nestkasten aanschaffen voor een select gezelschap vogels en zijn er massaal kabouterwoningen voor insekten te koop voor prijzen waar je U of BAH tegen zegt.
Wildplukker vindt dat het nog lang niet ver genoeg gaat.

Natuur helpen is één, natuur bouwen is een volgende tweede stap. Wie zijn tuin vult met een weldadige overvloed aan infrastructuur en biomassa maakt vanzelf een leefomgeving waar van alles zich prima kan redden en een uitgebreid voedselweb gaat vormen. (Zie ook Biomassaal 1 en Biomassaal 2.)

Het boekje zal, als de financiën het toelaten, in het najaar worden uitgebracht en zal bestaan uit ongeveer 150 pagina’s tips, ideeën en achtergronden én veel kleurenfoto’s en kunstplaten. Binnenkort meer hierover. Hier alvast een klein voorproefje van het binnenwerk:

Comments

Malle moer

Op een dag, de dag voor de langste dag, ziet Timmerman een zwerm honingbijen in de Kersenboom hangen. We kijken met z’n allen gefascineerd naar de regelmatige klont bijen die als één wezen een prachtige sculptuur vormen. Waar komen ze vandaan? De oorspronkelijke kolonie kan hier niet ver vandaan zijn maar we zouden nergens een bijenkast weten in de buurt. Is het een wilde zwerm ergens op het terrein? We weten het niet.
Terwijl we staan te kijken begint het te regenenen. Wat een timing om te gaan zwermen!?!?

Het blijft regenen en de bijen hangen zielig nat samengekropen als een glinsterende doch treurige discobal aan dezelfde tak. Wel wordt er tussen de buien door uitgevlogen. We hopen dat de verkenners snel een goeie woonruimte vinden want het ‘zwermen’ duurt wel erg lang.

Twee dagen later, de dag na de langste dag, knapt het weer eindelijk op. We kijken hoe het met de zwerm gaat… er is een ramp gebeurd lijkt het. Het grootste deel van de zwerm ligt nu onder de boom in het gras. Zijn ze gevallen of aangevallen? Heeft een vogel vanaf de tak een smakelijke duik in de bijenbal genomen?
We hebben geen van allen veel verstand van bijen maar dit lijkt toch geen zinnige procedure. Leeft de moer of koningin nog wel? Is de moer een beetje mal geworden? Zijn ze allemaal aangetast door iets?
Er hangt nog een restant van de bal in de boom, dat van banaanformaat afneemt tot een klein draadje.
Tenslotte hebben alle bijen hun toevlucht genomen in het gras, bovenop een grote radijzenstengel die Wildplukker eerder heeft laten liggen (ofwel chop-’n-drop-mulch). Nestelen in de bodem doen ze toch niet in ons klimaat?

De dagen daarna gaat het weer vaker regenen en Wildplukker kan het niet meer aanzien. Ik heb ooit enkele malen geluisterd naar een aantal geweldige podcasts over natuurlijk bijenhouden en deze beluister ik nogmaals om een beetje wijzer te worden (Reverence for Bees part 1 >>).
Maar er komt nogal wat bij kijken allemaal en daar heb ik de middelen en de tijd nu niet voor. Dan toch maar improviseren.
Allereerst plaats ik een wijnkistje over de berg zodat de zwerm droog blijft.
Pierre du Moulin stelt voor om een schoteltje honing neer te zetten en dat lijkt ons een goed idee. Ze zullen wel honger hebben.

Daarna timmer ik provisorisch een bijenkast in elkaar en zet deze op een kruk naast de zwerm. Met een binnenruimte van 60 liter kunnen ze vooruit. Ik maak zelfs een paar ramen zodat ze wat extra steun hebben voor de bouw van raten. Na het in elkaar zetten blijkt de ‘bee space’, de ideale bewegingsruimte voor bijen, nogal variabel maar ze moeten het zelf maar op smaak maken.
Nu maar hopen dat het nog wat wordt met deze gevallen kolonie.

Wordt vervolgd?…

FILMPJE:

Get the Flash Player to see this player.

Comments

Worm met afstandsbediening

Op een ochtend, als Wildplukker nog slaapt, heeft Strootje een ontmoeting met een vreemd wezen. Het is een dunne witte ‘draad’ van zo’n 15 cm lang dat door het kippengaas kronkelt. Gelukkig maakte ze een filmpje.

Na enig speurwerk lijkt het te gaan om de worm Spinochordodes tellinii, een zogenaamde Paardehaarworm, of in ieder geval een verwant daarvan. Deze worm legt zijn eitjes langs de oever in de hoop dat ze opgegeten worden door een krekel of sprinkhaan. Eenmaal in de gastheer ontwikkelt het eitje zich tot een volledige worm. Is de worm geslachtsrijp dan maakt het gebruik van chemische manipulatie om de hersenen van de krekel te besturen. Hij laat de gastheer richting oever lopen om hem vervolgens in het water te laten springen!

Wat deze worm kruipend op het kippengaas doet, blijft een raadsel. Misschien zat een vogel in de pruimenboom erboven een krekel te verorberen en wist de worm nog net te ontsnappen.

FILMPJE:

Get the Flash Player to see this player.

Wie wil nagruwelen kan dit filmpje op YouTube bekijken >>

Comments

Biomassaal 2

In de ‘Supermarkt des Natuurs’ is alles gratis. Niet alles is altijd voorradig en de schappen raken steeds leger en het assortiment wordt snel schraler. Waar in Frankrijk echter nog geen gebrek aan is, is dood hout in de bossen. Bij gelegenheid wordt alles ‘gefatsoeneerd’ als het in de weg staat bij het kappen en sleuren. Ook het kappen zelf gaat gepaard met veel machinaal geweld en na afloop is een mooi ‘verwaarloosd’ bosje achter de beek opeens een sloperij.

Mest, stro en houtsnippers zijn weliswaar ‘groen goud’ maar voor het echte bouwen en maken van textuur en reliëf in het landschap zijn stammen en takken ideaal. Ze blijven bij het hoog opstapelen wel tientallen jaren in gebruik als megasteden voor de natuur. Een moot eiken ter grootte van een kwart kuub stook je weg in twee avonden maar in een houtstapel gaat ie wel een eeuw mee en geeft in die tijd onderdak aan honderdduizenden insecten en andere wezens en er groeien tienduizenden mossen, planten en paddenstoelen op!

Met behulp van kruiwagen en achterbak heeft Wildplukker de afgelopen jaren rond de 60 kuub hout van kapvlakte en uit bos gesleept, waarvan hier getuige.

Comments

Biomassaal 1

In navolging van vorig jaar hebben we dit jaar in overtreffende trap tien ton mest en 180 strobalen besteld en weer vele aanhangers met houtsnippers gehaald. Misschien is het voor de laatste keer, want de natuur op het terrein zal de organische stof dan zelf voldoende gaan leveren. Waarschijnlijk blijven we ons wel bezondigen aan de strobalen want als speelgoed is het veel te leuk.

Waarom al die hoeveelheden?
Bij aankomst was het terrein een harde uitgedroogde kleiplaat met wat gras en wilde planten, ingeklonken en kaalgevreten door de schapen. Er was daardoor een groot gebrek aan organische stof en leefruimte voor allerlei dieren… een schrale start voor een ecologisch beheer. Het idee is dat een grote hoeveelheid biomassa vrij snel wordt omgezet in LEVEN!… en dat in allerlei vormen. Een ton mest levert op den duur een ton wormen en het evendeel aan andere levensvormen op. De stro is een Mekka voor alles. Ze worden vrijwel direct overgenomen door paddenstoelen.

Bovendien levert het samen met andere ingrepen inmiddels (naar schatting) een vertienvoudiging van het aantal muizen op. Deze vreten jammer genoeg wel de moestuin leeg maar daarover wellicht een andere keer. Over het gunstige effect van stro en compost op de ringslangen schreef ik al eerder. De basis van het voedselweb is gelegd… laat de roofdieren maar komen!

Comments

Egelpiepshow

Na jaren wachten hebben de egels eindelijk jongen op het terrein. Na al het aanleggen van groene elementen moet het hier toch een paradijs voor egels zijn. Het bleef echter lang mager: in 2012 de drie eerste waarnemingen en in 2013 bezoekt een egel maar liefst 11 keer ons terrein. Het is een mooie toename maar we willen graag dat ze hier blijvend aanwezig zijn.

Dan is het eindelijk zover. Het maandenlange gerommel in de spouwmuur in de schuur blijkt niet van ratten te komen maar van een nest egels. We zien er drie rondscharrelen. Mijn geliefde - Strootje - is kort geleden gearriveerd en is ook zeer verheugd, evenals Timmerman. We hebben geen van allen eerder zulke jonge egeltjes gezien.

De volgende dag treffen we er één aan in mijn houtopslag. Deze lijkt wel erg verdwaald, zo jong nog en al 50 meter gelopen?! Hij ziet er wat vermagerd uit. Is er wel een moeder in de buurt? En weet hij de weg terug wel te vinden? Ik geef hem wat kattenvoer, want ik weet dat ze daar gek op zijn en ik heb nog genoeg over van Vos jr. die hem vorig jaar gesmeerd is. Het jong duikt er bovenop.

Niet lang daarna zien Strootje en ik er steeds meer… totaal wel vijf! Het is een tweede nest. Ze hebben een plekje in de houtopslag onder de stro. Ze piepen af en toe heel hard maar waarom weten we niet. Na een dag of wat houden ze er mee op. Ze zijn te vroeg door hun moeder verlaten en amper gespeend en misschien een beetje bang. Strootje heeft ze inmiddels Piep 1 t/m 5 gedoopt.

Eentje heeft het duidelijk moeilijk en sterft de derde dag, liggend in het zonnetje. We zijn er al zo aan gehecht dat we hem een waardige begravenis geven.

De rest hangt dagenlang rond de caravan en ze gedragen zich steeds meer als makke huisdieren. Strootje heeft het er de hele dag druk mee. De tekst “Hé Piep” wordt voortdurend door ons gebezigd. Ze scharrelen over je voeten heen en kruipen onder je stoel. Het is de hele dag opletten geblazen waar ze lopen.

Gedurende de week gaan ze steeds verder weg en blijven langer de hort op… we zien ze steeds minder. Iedere avond verzamelen ze zich nog steeds, eten wat, drinken keurig wat water uit een door ons geplaatste melkflesdop en verdwijnen daarna in hun holletje in de houtopslag.

Tenslotte moeten we weg en laten ze met pijn in het hart achter…

Bekijk filmpje op YouTube >>

Comments

Ringslangen warm ontvangen

Dit voorjaar ben ik gaan experimenteren met heet composteren. Een goed opgezette composthoop kan van binnen wel 60 graden heet worden. Dan worden alle onkruidzaden gekookt en krijg je mooie ’schone’ compost.
In april valt dat niet mee na de koude winter, De eerste hoop komt niet verder dan 33 graden. Een natte baal stro wordt in de zelfde tijd nota bene uit zichzelf al 35 graden.
In juni werd het eindelijk warmer weer. Ik heb bij een boer 120 balen stro en 6 kuub koeienmest besteld voor veelal nog onbekende doeleinden en ik kan het goed gebruiken om wat composthopen op te zetten.

Composthoop nr. 7 wordt opgezet achter mijn caravan. Binnen een week loopt de temperatuur op tot 56 graden! Eindelijk geslaagd! Nog een paar keer omzetten en ik zal na een maand eindelijk goeie compost hebben.
Als ik na enkele weken het zeil er aftrek ligt er opeens een dikke slang opgerold in het luchtgat. Mijn geslaagde composthoop is gekraakt! Ik kan niets anders doen dan de situatie accepteren want wegjagen is geen optie. Ik ben benieuwd of ze blijft en eieren legt.
Als ik in Nederland ben krijg ik de melding van Pierre dat er eieren in de hoop liggen. Begin juli ben ik er weer, en ja, een hele kluwen langwerpige eieren vult het gat.

In augustus zijn we er weer voor wat langere tijd. De eieren zijn nog steeds niet uitgekomen. Wordt het nog wat?
Na twee weken is het eindelijk zover: een slangetje kruipt bovenop de eieren. Na een week zijn er nog een paar bijgekomen… maar het lijkt toch wat mager.

Nu, half september, ben ik er even kort en kijk ik hoe het er mee staat. Pierre en Timmerman zijn er bij als ik de doeken weer optil: JA… een hele kluwen slangen staart ons aan! Het zijn er zeker wel zo’n twintig! Compostproject geslaagd. We heten ze warm welkom!

Comments

Winter 2013 1

Comments

Vos Junior

Als ik weer terugkom in Frankrijk ben ik heel benieuwd of moeder en haar drie jongen het goed maken. De gastencaravan is komende week zowel van binnen als vanonder bezet door drie kinderen, want het gezin van Bloem en Carloman zijn ook mee. Bij aankomst zien we maar twee jongen, maar die andere zal wel achter of onder zijn moeder liggen.

Na zorgvuldige inspectie de volgende dag blijkt het witte jong met de zwarte vlekken echt te ontbreken… er zijn er nog maar twee over.

Een dag voor mijn vriendengezin vertrekt is Ma Vos vertrokken met kitten 2 en heeft het zwart-witte jong achtergelaten. Het is een herhaling van vorig jaar toen Vos ook al achtergelaten werd!

Na een dag is moeder nog steeds spoorloos en ik neem Vos junior maar onder mijn hoede bij mijn caravan. Ondertussen zoeken Timmerman en ik naar de nieuwe stek van Ma en kind. We zien moeder echter dagenlang niet meer en vinden nergens het andere jong.
Het lijkt er op dat we deze keer echt opgescheept zitten met een katje. Ik doop hem Vos Junior omdat het in alle opzichten een deja-vu van zijn vader is. Hij heeft iets meer wit maar hetzelfde zwarte maskertje.
Vos Junior voelt zich al snel volledig thuis: hij slaapt ’s nachts in een tas met vuil wasgoed en hangt overdag een beetje rond op zes vierkante meter voor mijn caravandeur en is tevreden met de kachel naast hem waar ik ’s avonds een flink blok voor de nacht op gooi. Hij blijkt alleen maar vloeibaar voedsel gewend te zijn en is de eerste dagen steeds op zoek naar een speen. Zijn eten zuigt ie op. Sterker nog… hij begraaft zich er in. Als ik hem brokjes in gelei geef zuigt ie alleen de gelei op en laat de brokjes liggen en smeert zich helemaal onder. Bah!

Maar na een paar dagen weet ik voedsel te maken met de juiste consistentie en blijkt ie zichzelf ook al te kunnen wassen. Hij hoort al snel bij de dagelijkse routine.
Zie filmpje van de eerste week >>

Vier, vijf, zes dagen gaan voorbij en alleen Vos senior komt ’s avonds langs op zijn route langs onze caravans op zoek naar etensresten en vieze borden. Als hij op een avond geconfronteerd wordt met zijn zoon, die ligt te slapen, gaat hij er angstig snel vandoor. De avond daarop heeft Vos jr hem in de gaten en zet zijn rug op en begint tegen hem te blazen. Senior weet niet hoe snel hij zich uit de voeten moet maken… de schijtert!

De avonden daarna lijken ze elkaar te tolereren en negeren elkaar verder.

Op een avond, acht dagen na hun vertrek, zitten moeder en jong 2 opeens weer onder de gastencaravan. Probleem opgelost!?!?

Ik hoop dat ze Vos jr. niet vergeten is en ik zet hem weer bij het stel. Moeder reageert alsof het de gewoonste zaak van de wereld is en ik laat ze verder met rust.
Als ik de volgende dag kom kijken is jong 2 er wel, moeder niet. Vos jr. heeft zich tegen zijn broer/zus genesteld. De twee komen direct te voorschijn en na wat angstvallig toekijken durft ook jong 2 met me te spelen.

Laat in de middag neem ik nog een kijkje… maar moeder en jong zijn vertrokken. Vos junior ligt in een trui voor de caravan te slapen en heeft het vertrek blijkbaar gemist. ’s Avonds laat haal ik hem maar weer op voor de nacht. De herenigingspoging lijkt mislukt!

Enkele dagen later vertrek ik naar Nederland en ik besluit hem maar tijdelijk mee te nemen bij gebrek aan een betere oplossing. Vos Junior gaat naar de grote stad!

Wordt vervolgd…

Comments (2)

Vos is een kater

In het vroege voorjaar zien we dat in de schemer de moederkat die hier altijd rondzwerft bij ons hek door een vreemde kater gedekt wordt. Als de kater zijn hoofd naar ons keert herken ik hem meteen aan zijn Zorro-masker: het is Vos! (Zie ook Vos)
We zijn verbaasd dat hij als kleinste van vier kittens de winter overleeft heeft en nog meer verbaasd dat hij uitgegroeid is tot een volwaardige kater.
Dat hij voor onze deur incest met zijn moeder pleegt vinden we wat minder maar dat is in de wilde natuur heel gewoon.

Daarna zien we hem lang niet meer tot hij opeens opduikt terwijl Mary Shelley en ik bij een vuurtje voor mijn caravan zitten. Hij gluurt vanachter de buitenkachel en loopt wat schichtig rond. Hij is niet verder dan twee meter van ons vandaan maar gaat er toch weer snel vandoor. We zien hem af en toe ergens op het terrein banjeren en één keer zie ik hem verschrikt vanonder mijn caravan wegschieten en via het ‘kattenluikje’ in de takkenril door het hek naar buiten het terrein vluchten.

Tot op een avond wanneer ik met Pierre du Moulin bij mijn buitenkacheltje zit te kletsen. Vos duikt op en voor we erg in hebben is hij brutaal het bord onder de lege stoel van Timmerman aan het schoonlikken… op nog geen meter afstand. Ik schuif mijn bord ook naar hem toe, iets voorbij mijn rechtervoet, en ook die likt hij meteen schoon. Pierre staat op het punt om weg te gaan en als hij opstaat vlucht Vos direct uit het zicht.
Maar een half uur later verschijnt hij opeens links van me vanonder de caravan … binnen handbereik. Ik had al wat reepjes droge worst gehaald en ik voer hem twee reepjes door ze voor zijn neus te gooien. Het derde reepje hou ik in mijn hand en ja… al schokkend komt hij er op af en grist het uit mijn hand om meteen ermee onder de caravan te duiken.
Dit herhaalt zich enkele keren en tenslotte zet hij zelfs zijn voorpoten op mijn been om de worst tussen mijn vingers te pakken. Als er een onweersbui losbarst vlucht hij weer snel… niet onder mijn veilige caravan maar het terrein op.

De dagen erna zien we hem vaker. Hij ligt te dutten op de takkenril bij de moestuin en hij komt zelfs even bij Timmerman langs als we daar zitten te eten. We bieden onze net leeggegeten etensborden aan die hij meteen schoonlikt… maar dichterbij dan 3 meter komt hij niet en bij iedere beweging van ons vlucht hij weer tien meter.

Even daarvoor al zat Ma Vos op de takkenril achter mijn caravan te dutten. Zij is altijd heel schuw en komt nooit dichterbij dan twintig meter. Deze keer lijkt ze brutaal te blijven liggen als ik mijn caravan nader en ik laat haar maar met rust. Van dichtbij lijkt ze anders… is het een ander jong van vorig jaar? Eén roofdier is leuk op ons terrein maar twee of drie… laat staan als mijn caravan een kattenhonk wordt! Daar zit ik met mijn allergie al helemaal niet op te wachten!

De week erna komt Vos iedere avond langs… bij mij of, als we eten op het terras van timmerman, bij hem. Vos maakt er zelfs een vast rondje van en likt bij aankomst alle huisraad schoon dat in aanraking is geweest met eten.

Enkele dagen geleden horen we gepiep bij de gastencaravan. We gaan kijken en ja hoor… drie kittens in het hooi onder de caravan! Moeder is al bevallen! Dit wordt de start van een hele dynastie op Sévricourt!
Eén kitten lijkt duidelijk op Vos, zijn vader/broer, met veel zwart in zijn vacht en wat wit. Nummer twee lijkt meer op zijn moeder met veel wit. Nummer drie is veelkleuriger, die lijkt op zijn opa… moeders’ lover van vorig jaar.

Wordt zeker vervolgd…

Comments

Hazelworm

Als ik een dekzeiltje weghaal in mijn moestuin verstoor ik een dikke opgerolde Hazelworm. Even later gaat de pootloze hagedis er snel vandoor….

Comments

Lente 2012

Bij het eerste sappige jonge groen knipoogt de lente naar de zomer…

Comments (1)

winterkleuren

Kleurrijke gasten rond mijn vogelvoederplek fleuren de sombere dagen op…

…en eten in twee weken al mijn vetbollen op. Noodgedwongen maak ik een zonnepitvoederfles.

Comments (2)

Herfst Sévricourt 2011 2

Comments

Het gewone leven van de rat

Ratten hebben een slechte reputatie merk ik iedere keer weer. Als het woord rat valt, gaat het vaak in één zin gepaard met woorden als uitroeien, ziekte, afschieten e.d.
In alle gevallen gaat het hier om de over de hele wereld verspreide ‘gewone’ Bruine rat (Rattus norvegicus) die tevens bekend staat onder de namen rioolrat, stadsrat, waterrat, laboratoriumrat, tamme rat of gewoon ‘rat’.

Wie de beestjes ziet rondlopen kan nauwelijks snappen waar ze die reputatie vandaan hebben behalve uit slechte ervaringen… ooit… in de diepe middeleeuwen toen ze de pest brachten… maar misschien kwam de pest toen ook al met kippen mee. Op ziektegebied hebben we tegenwoordig niets meer te duchten van ze… er zijn jaarlijks enkele gevallen van de Ziekte van Weil maar dat is altijd door import uit andere landen, meestal van ver, bijvoorbeeld uit Afrika. Daarmee hebben we tevens het grootste ziekteverspreidende zoogdier te pakken: de mens. Deze raast voor de lol de hele wereld rond, het liefst afgelegen gebieden bezoekend, en laat daarbij een spoor van ziektes achter zich, dat zich soms met een snelheid van 10.000 km per dag verspreidt.
Na de mens hebben we meer te duchten van onze varkens, koeien en pluimvee!

Kortom: de mythe van ratten als ziekteverspreiders is ver VERLEDEN TIJD! Ik wil er vanaf nu niet meer van horen!

Verder is het enige grote nadeel van ratten onze slordigheid met afval en hun gebit: ze kunnen soms aan dingen knagen waar we zelf duurzamere plannen mee hadden. Maar ja, dat staat in geen verhouding tot wat wij hen allemaal aandoen.

Als ode aan dit leuke tuindiertje heb ik een compilatie >> gemaakt van het gezellige gescharrel en geklauter rond mijn caravan.

Comments (1)

Insectenhotel 1

Het wordt tijd voor een uitgebreid appartementencomplex op ons terrein want we willen honderden zo niet duizenden gasten ontvangen die hier permanent komen wonen, die het hier naar hun zin hebben en bij wijze van betaling zo nu en dan het nodige nuttige werk verrichten…

Ik heb het over insecten, spinnen, reptielen, amfibieën en vogels.

Daarom begin ik met de bouw van een enorm insectenhotel. Deze komt aan de oostkant van de moestuin en werkt meteen als afscheiding tegen de koude ooster-winter-wind.

De materialen voor de onderste appartementen haal ik - met hulp van Pierre - uit de ruïne: kapotte dakpannen, bouwblokken en bakstenen van allerlei aard. Er liggen ook overal stenen met gaten erin… kant-en-klare woningen die zo betrokken kunnen worden.

Al doende ben ik ook al begonnen met het ontruimen van de ruïne. Een hoogmoedig plan want het opknappen van dit appartementencomplex staat pas gepland in 2020… de natuur heeft voorrang! Totaal wordt het ‘insectencomplex’ zo’n 6 meter lang. Wat ik nu kan doen is al snel klaar. Voor de rest moet ik op zoek naar bamboe, riet en andere holle stengels en ook kan ik nog stammetjes hout stapelen waar ik gaten in boor.

Wordt vervolgt…

Comments

herfst Sévricourt 2011

Comments (1)

Vos

Op dag twee van mijn verblijf hier vind ik in de afgedekte strobaal vier kittens van onze lokale verwilderde zwerfkat. Daar zitten we echt op te wachten in onze kleine ecologische enclave! Dat zijn weer vier roofdieren die jaarlijks weer duizenden vogels, vlinders en andere dieren om zeep helpen. Maar natuur is natuur dus de moeder en haar jongen zoeken het maar uit! We besluiten om geen zorg voor ze te dragen… nature vs nurture beslist in het voordeel van nature. Moeder sleept het gezin weg en we zien wekenlang niets meer. Af en toe vragen we ons af of ze nog leven want moeder wordt enkele malen ver weg in haar eentje gesignaleerd. Wellicht hebben de uilen en vossen haar al beroofd van haar kinderen.

Als we vijf weken later gepiep horen in de ruïne loopt daar een van de kittens alleen rond. Het is een klein zwart-wit getekend en op het oog goed gevoed katje. Ze heeft een wat stomp hoekig lichaam en een korte staart, duidelijk lijkend op haar vader die we van het voorjaar hier even hebben zien rondscharrelen. Een paar dagen eerder is mijn gaste Waterjuffer gearriveerd en maakt als enige gebruik van de buitentoilet. Ook ik heb even een dag geleemd bij de ruïne. Mogelijk hebben we de moeder weer verstoord… maar ze komt het jong vast nog wel ophalen! “Zijn de andere drie ook nog in leven?”, vraag ik me af.

Waterjuffer vind het maar niets dat we de kleine nog even aan haar lot overlaten en ze bekijkt me met een blik alsof ik een wrede dierenbeul ben. Ik ken haar nauwelijks dus voel me door haar blik des te wreder: mijn nature-houding verschuift van binnen toch een beetje richting nurture. Maar ik blijf volharden! Als Waterjuffer twee dagen later vertrekt beloof ik haar op te letten. Dezelfde avond zie ik het katje in de zon zitten op het dekzeil van de waterput. Ik grijp mijn kans om haar te vangen en heb haar meteen beet. Ze voelt toch wat mager aan en ik neem haar mee naar mijn caravan om haar wat te eten te geven. Daar gaat ons nature-principe… nurture it is! Er staat nog een pan pasta met champignons, liefdevol bereid door Waterjuffer, en ze werkt de brokken met grote schokkende bewegingen naar binnen, tevens pogend mijn vingers er bij op te eten. Haar tandjes zijn vlijmscherp!

In nog geen tien minuten is ze volkomen dociel geworden en zitten we opeens met een huiskat! Terwijl Timmerman en ik het avondmaal nuttigen kruipt ze steeds beurtelings over ons heen. Ze klimt tegen onze pijpen op of springt met veel bravoure vanaf het lage tafeltje omhoog, daarbij vaak missend en al hangend zich weer opklauterend, en kruipt op onze schoot, onze borst en in onze nek. Ze begint ook enorm te spinnen en ik wist eigenlijk niet dat zulke kleine katjes dat al deden.

Nadat het katje de avond met ons had doorgebracht werd het bedtijd… voor mij dan. Ik had voor haar een mandje gemaakt van een kartonnen doos en vier jute zakken… deze eerst bij het kampvuur gezet waar ze lekker warm kon liggen… ze kroop toch liever in mijn jas.
Ik kon haar absoluut niet mee naar binnen nemen ivm met mijn allergie dus moest ik haar op een gegeven moment toch maar buiten achterlaten… waar ze bleef piepen aan mijn deur. Ik heb het mandje toen maar bij mijn deur gezet en haar er nogmaals in gedaan. Na enkele minuten was ze stil. De reservemand die ik toch maar in mijn caravan gemaakt had voor als ik haar te zielig zou gaan vinden zo alleen buiten bleef gelukkig ongebruikt. Bovendien zou ik dan ook een precedent geschapen hebben die onomkeerbaar zou kunnen blijken.

De volgende ochtend lag ze braaf verstopt tussen de plooien van de jute zakken. Nu ik eenmaal wakker en opgestaan was bleef ze op mijn schoot klimmen en in mijn nek kruipen. Ze spinde dat het een lust was. Wat later gingen we samen op de koffie bij Timmerman waar ze opeens ook begon te spelen met van alles. Ik heb ook meteen wat verse visjes voor haar gevangen die ze met veel smaak opat.

De rest van de dag gingen we gewoon aan het werk en ze dreutelde maar zo’n beetje achter ons aan als we even in haar buurt waren. ’s Middags weer wat visjes gevangen maar ze had niet heel veel honger meer. ’s Avonds bij het avondmaal kroop ze weer over ons heen maar deze keer lag ze al snel lekker in een plooi van mijn jas te slapen. Timmerman en ik waren volledig om: één roofdier op het terrein was toch wel acceptabel… ze zou dan de natuurlijke rol van vos op zich nemen. Timmerman stelde voor om haar een naam te geven en opperde dan maar Vos vanwege haar toekomstige rol. Bij ons tweede gezamenlijke avondmaal filosofeerden we over onze gedeelde vaderschapsrol: haar wel of niet binnen nemen?… toch maar naar het kattenvrouwtje in het dorp brengen?

Even later zagen we op de heuvel de moeder jagen. Met een muis in haar bek liep ze richting de caravan van Pierre du Moulin. We probeerden haar te volgen maar verloren haar uit het oog. Een half uur later zagen we Ma wederom jagen in het gras op de heuvel en binnen korte tijd had ze weer een muis in haar bek. Ze vertrok in dezelfde richting, vermoedelijk naar de geul in het weiland achter Piere’s caravan. Met Vos in mijn jaszak togen we richting de geul.
Onmiddelijk vonden we moeder en we zagen eveneens Vos’ drie broers/zussen rondscharrelen… ze hadden het al die tijd overleefd! We besloten direct om Vos maar weer met het gezin te herenigen. Aanvankelijk was ze onwillig en liep steeds terug naar ons maar toen ik haar diep in de geul zette begon ze te snuffelen en rook opeens duidelijk haar familieleden. We lieten haar achter met moeder en andere kinderen die op zo’n vier meter afstand zaten te kijken.
Ons gedeelde vaderschap kwam hiermee abrupt tot een einde! Timmerman en ik liepen bedroefd terug en mistten haar meteen al. Het was heel gezellig en we hebben veel gelachen om haar capriolen… Vos, het ga jou en de jouwen goed! Maar dan liever wel ergens anders!

Later op de avond nog gechecked of Vos niet piepte of alleen rondliep… maar het hele gezin was vertrokken.

De dag erna zag ik vlak voor de lunch moeder over de heuvel lopen. Door de kijker zag ik twee jonge katjes achter haar aanlopen waaronder Vos. Ze liepen net buiten beeld en verdwenen in het maïsveld op de heuvel. Die avond zagen we moeder weer jagen. Met een muis in haar bek liep ze weer naar de geul, onderwijl steeds in de verte naar ons kijkend. Het bleek een afleidingsmanoeuvre want daarna sloop ze stiekem naar het maïsveld en ze verdween op de plek waar eerder de hele familie al haar heil gezocht had.

De avonden erna zien we moeder nog regelmatig jagen. De vier kittens zullen geen honger hebben de komende tijd want ze heeft meestal binnen een kwartier een muis! Wel maken we ons zorgen over de maïsoogst. Als er grote machines komen is hun leven in gevaar. Ik besluit enkele dagen later dus maar even te gaan kijken: dan kan ik een filmpje maken en dan verkassen ze door de verstoring vast meteen naar een betere plek! Ik zoek en zoek maar kan ze niet meer vinden. Ze zijn al weg gelukkig.
’s Avonds zien we moeder weer gewoon jagen en met prooi het maïsveld ingaan. Maar gelukkig: de volgende morgen zie ik de hele familie het weiland oversteken en terugkeren naar de geul achter Pierre. Voorlopig zijn ze weer veilig!

Het verhaal is voor ons vast nog niet ten einde dus wordt wellicht vervolgd!

Comments

zon en maan

Als ik ’s ochtends naar de schuur loop en kijk naar de zonnebloem die de vroeg stralen vangt, zie ik de maan nog staan. Nog niet zo lang geleden ging ik slapen en vergezelde ze me ook al, toen nog de hemelkoepel overheersend.

Comments

plooirokjes in de ochtend

Als de ochtenddauw nog niet is opgelost staan overal langs mijn snipperpad kleine inktzwammetjes, plooirokjes genaamd, met schitterende fragiele hoedjes het ochtendlicht te vangen. Als straks de zon begint te branden zijn ze binnen een half uur verschrompeld en verdwenen. Een tafereel dat mijn companen ontgaat omdat zij altijd later opstaan.

Comments

Veenmol of Molkrekel

Terwijl ik een trapje graaf langs de vijver kom ik twee veenmollen tegen. Fascinerende beesten van een mooie lelijkheid. Gebleekt door hun ondergrondse leven en met de zachte schilden maken ze een tere indruk. Alleen kop en graafpoten zijn van een bovenwezenlijke sterkte en wijzen erop dat dit diertje onder de grond zijn mannetje wel kan staan.

Comments

beverrat

We hebben al sinds de herfst een Beverrat in de vijver… sterker nog… aanvankelijk waren het er twee en we dachten met een stelletje te maken te hebben en verheugden ons al op gezinstaferelen in het voorjaar. Nummer twee is echter al sinds februari niet meer gezien. De Beverrat - laten we hem Nutria (Myocastor coypus) noemen want dat is een andere naam voor deze Zuid-Amerikaanse exoot - is een aquatisch knaagdier dat er een vegaterisch dieet op na houdt, alhoewel hij wel eens een enkele mossel eet en bovendien coprofaag is, ofwel stront eet. “Kun je de stront van bijvoorbeeld een vos als vegetarisch voedsel bestempelen?”, vraag ik me af.

Maar goed, hij is dus vegetarisch en dat blijkt iedere avond. Als wij rond de schemer voor mijn caravan aan het diner zitten, verschijnt rond dezelfde tijd de beverrat in de wilg aan de oostoever alwaar hij gaat knabbelen aan de jong twijgen. Als was het een satéstokje pakt hij met zijn voorpoten de twijg en haal deze door zijn bek en eet er de blaadjes af. Filmpje >>
Zo gaat hij ongeveer een half uurtje door en dan steekt hij over naar de westzijde waar hij de oever opklimt en gras begint te grazen tot de nacht valt en we hem uit het oog verliezen. Sappige wilgenblaadjes kan ik nog begrijpen, maar waarom hij gras verkiest boven de heerlijk uitziende lissenzaaddozen is mij een raadsel.

Wel zijn we bang dat er water uit het meer zal verdwijnen naar de geul ernaast want de beverrat maakt gangen tot wel zes meter diep. We houden hem in de gaten!

 

Comments

vliegen in het gareel

Op een oud tafeltje zitten vliegen opvallend in het gareel en ik vraag me af… waarom juist daar en waarom zo netjes op een rij?

Comments (1)

roze kwartiertje

Iedere avond is er vlak voor de schemer invalt even een rood-roze hemel, het ‘roze kwartiertje’. Deze avond veegt een bijkomende regenboog een bordeauxrood vuur door de hemel en we staren alle drie als betoverd…

Comments

karpergenocide

We hebben karpers in onze vijver en we willen er van af. Onze vijver is al niet zo diep, op de bodem ligt een dikke sliblaag en vanwege de steile oevers is er weinig filterende beplanting om het water helder te maken. Karpers maken dat geheel nog erger omdat het bodemwoelers zijn die gedurende de hele dag modder- en slibdeeltjes omhoogwerken. Onze karpers zijn bovendien kweekkarpers dus sowieso niet echt natuurlijk. Weg dus met de karpers!

Makkelijker gezegd dan gedaan. Vangen lukt nog wel door diverse gasten… vier exemplaren zijn al tijdelijk in de slinkende kleine vijver geplaatst. Maar wat dan? In de beek loslaten? Nee, want daar voelen ze zich niet thuis en bovendien is dat verboden en ongewenst ivm faunavervalsing. In de vijver van de buren dumpen? Is een optie maar mogelijk a-sociaal. De buren hebben slechts een vakantiehuisje en we zien ze al maanden niet dus vragen kan ook niet.

Dan maar opeten!

Ik heb in mijn jeugd vaak paling gerookt met mijn vader, de dorpschoolmeester en zijn zoons dus roken spreekt nog het meeste aan als bereidingswijze. Ooit hebben we een zeelt gerookt die ook heerlijk bleek. Dat moet vergelijkbaar zijn want de zeelt is onze inheemse karper. Nu is hij beschermd… hoe gaat het eigenlijk met ze? Wij zelf hadden drie illegale fuiken die ik regelmatig leegde met mijn vader en ik viste ook nog bij met een illegaal kruisnet, ook wel ‘totebel’ genoemd in lokaal jargon. Later in Amsterdam viste ik vaak met mijn oom en we hebben nog wel grootschalig makrelen gerookt. Ik ben benieuwd of ik de kunst van het visroken nog versta! Mandarijn had al een klein rooktonnetje voor me gescoord op de tweedehands markt en die is precies groot genoeg voor één karper.

Ik moet nog even moed verzamelen om een karper te doden maar trek al snel de stoute schoenen aan en knuppel de stakker in één slag dood, dat is het snelst. Bij het ontdoen van de ingewanden blijken deze nagenoeg weggeslonken te zijn en plaats gemaakt te hebben voor bijna een pond kuit. Karperkaviaar! Zou dat een lekkernij zijn? Ik bak vrij snel een portie… maar de smaak valt tegen… vrij neutraal. Het heeft echter precies de textuur van couscous. We bereiden het dus als zodanig en eten nog drie dagen karpercouscous. Erg lekker!

Ondertussen maken Timmerman en ik houtsnippers van beuk en eik. Ik maak een flink vuurtje en smoor dit na verloop van tijd met wat zaagsel en de snippers en hang de karper er in. Nu is het wachten.

Na vier uur blijkt ie nog niet gaar. Met een extra dot snippers gaat de karper de nacht in. De volgende dag is ie eindelijk klaar. Ze smaakt lekker… we komen de winter wel door!

Comments (7)

lente 2011 2

Lente op Marken…

Klik voor meer

Comments

lente 2011 1

Comments (1)

de tuin van Bloem 5: graafkuil voor snuffie

Get the Flash Player to see this player.

Comments

egel klem

Als ik een gek geblaas hoor in de kippenren van Mandarijn - de kippen zijn al op stok maar nog onrustig - schuifelt er een egel achter de voederbak. Ik probeer hem het hok uit te jagen maar de egel zoekt een smal gaatje onder het gaas uit in plaats van de grote doorgang. Hij lijkt opeens klem te zitten: zijn kop kan er door maar zijn lijf niet. Zijn kop kan door de stekels ook niet meer terug, lijkt het.
Ik ga maar even weg zodat hij zelf kan ontsnappen want oprollen gaat ook niet en de stress van de egel lijkt me geen goede basis voor zijn ontsnappingspoging. Dan kan ik ook gelijk even de camcorder halen…

Bij terugkomst zit hij nog steeds onveranderd klem lijkt het. Tijd om een handje te helpen…

Get the Flash Player to see this player.

Niet veel later scharrelen er zelfs twee egels in de tuin. Zit er een stelletje in de takkenril?

Comments

in de achterhoek 2

Klik voor meer

Voordat Timmerman naar onze nieuwe stek in Frankrijk vertrekt, wilde Wildplukker diens woonstek in de Achterhoek eens zien. Dus ging hij gisteren spontaan met hem mee. Het was de eerste echte warme dag en vandaag eveneens. Een goeie tijd dus voor wat buitenleven…

Klik voor meer

Comments

in de achterhoek 1

Get the Flash Player to see this player.

Comments (1)

fauna moironica

Comments

flora moironica

Comments

ouwe vos

Klik voor meer

Sinds maanden komt er zo nu en dan een vos aanlopen op het domein. Sinds ik er ben is ie zelfs dagelijks te zien en waagt hij zich steeds dichterbij. We zijn in een goeie bui en trakteren hem op diverse Galettes au beurre…

Get the Flash Player to see this player.

Comments

Rugstreeppad en Rosevalletjes

Fotografeerde ik in onze moestuin op Texel al eens een Rugstreeppad op onze Rosevaloogst, hier in de supermarkt vond ik deze Rosevalaardappel in de vorm van een Rugstreeppad.

Klik voor meer

Comments

ijsvogel weer onder de mensen

Nu er wat bomen in het stuwmeer zijn gevallen, waagt een ijsvogel zich dichterbij…

Get the Flash Player to see this player.

Comments

« Vorige berichten ·